Rechtvaardige prijzen door prijstransparantie
REGIOFAIR heeft nu ook een apart hoekje op het internet:
Ga naar: hoe we de krachten van fair trade en korte keten kunnen bundelen
Fair Trade voor iedereen
Als consument heeft men er belang bij om zo goedkoop mogelijk in te kopen. Dit kan echter snel ten koste gaan van de producent. Bijzonder duidelijk wordt dit zichtbaar bij het steeds verder dalende inkomen van de boeren in de ontwikkelingslanden. Hier hebben de consumenten gereageerd en kiezen in versterkte mate voor produkten uit de ‘eerlijke’ handel de zgn. ‘fair trade’. In Europa zijn echter ook boeren. Waarom zouden zij ook niet van de eerlijke handel profiteren?
Dit is een geactualiseerde versie van een artikel, dat in februari 2004 verscheen op http://www.driegeleding.org.
Deze bijdrage past in een artikelenreeks met als ‘thema: fairtradetransparantie‘.
fair trade criteria uitgekristalliseerd
In de loop der jaren zijn enkele fair trade criteria uitgekristalliseerd, die voor een deel omvattender zijn, dan men op het eerste gezicht zou vermoeden.
een inkomen dat bestaanszekerheid schept
De prijzen worden in vergaande mate onafhankelijk van de wereldmarktprijzen vastgelegd.
langdurige verdragen
Door deze zekerheid zijn ook investeringen eenvoudiger.
vooruitbetaling
In de meeste gevallen worden bestellingen tot 50% vooruitbetaald.
geen tussenhandel
Verdragen worden door de producenten direct met de boeren of hun coöperaties gesloten.
van pure markteconomie naar een verdragseconomie
Wat door fair trade in gang is gezet, laat zich het beste omschrijven als een geleidelijke overgang van de pure markteconomie naar een verdragseconomie. Maar anders als bij producentenkartels worden de hogere prijzen voor de producenten niet achter de rug van de consumenten om, maar op basis van wederzijdse overeenstemming vastgesteld.
Open dagen op de (biologische) boerderijen vernieuwen de band tussen boer en consument en zijn daarom een stap op weg naar ‘regiofair‘.
leren van het succes
eerlijke handel met het zuiden overdragen op de eigen landbouw
Bijzonder succesvol is de eerlijke handel in Zwitserland. Hier bereikte in 2004 een toonaangevende supermarktketen dubbelcijferige marktaandelen van fairtrade-produkten (sinaasappelsap 10%, koffie 16%, bananen 21%). Vandaag zijn fairtradebananen in de Alpenstaat goed voor een marktaandeel van over de vijftig procent. Deze cijfers zijn grotendeels op het conto te schrijven van een coöperatieve winkelketen, die besloten enkel nog fairtradebananen te verkopen. [info]
Ondernemingen, die nog niet mee willen doen, komen onder druk te staan. Op de Zwitserse website van Nescafé stond begin 2004 nog een behoorlijk uitvoerige uiteenzetting te lezen, waarom het concern geen fair trade produkten aanbood en dat ook in de toekomst niet van plan was. Op dezelfde website in Duitsland was het onderwerp echter totaal onvindbaar. De reden mocht duidelijk zijn. In Duitsland werden ondanks de 10 keer grotere bevolking nog niet eens de absolute aantallen van de Zwitserse fair trade omzetten bereikt! In maart 2008 bekende Nescafé zich echter plots minder afkerig t.a.v. eerlijke handel en bracht een Max Havelaar-variant van haar oploskoffie op de markt. [info]
De wereld kan dus iets van de Zwitsers leren. Maar de Zwitsers kunnen ook iets van zichzelf leren. De vraag is namelijk, hoe het succes van de eerlijke handel met de ontwikkelingslanden op die van de eigen landbouw overgedragen kan worden. Wanneer men de vele landbouwsubsidies weglaat, dan zou het de meeste Europese boeren niet veel beter vergaan als hun collega’s in de ontwikkelingslanden. Het probleem van dergelijke overheidssubsidies is echter, dat zij op een andere wijze nog veel grotere problemen scheppen, als de problemen die zij ermee zeggen op te lossen.
mondiale eerlijke handel: van ‘transfair’ naar ‘regiofair’
In tijden van globalisering heeft iedere vermenging van staats- en economische belangen catastrofale gevolgen. Hybride structuren zoals de WTO, waar politieke vertegenwoordigers over economische vragen zoals subsidies en importheffingen beslissen, hebben tot escalatie van de spanningen tussen Noord en Zuid geleid. Een alternatief daarvoor is een regionale fair trade, waar prijsproblemen tussen producenten en consumenten – dat wil zeggen binnen de economie zelf – met wederzijds goedvinden opgelost worden. Dan speelt het geen rol meer wie over precisie- of massavernietigingswapens beschikt. In Duitsland werd voor de mondiale eerlijke handel de term ‘transfair’uitgevonden. Hoe zou het zijn, wanneer wij – als uitbreiding daarvan – van ‘regiofair’ zouden spreken?
meer prijstransparantie
De naam regiofair alleen is niet genoeg. De Europese consument associeert ontwikkelingslanden spontaan met armoede. De situatie van de eigen landbouw stelt hij zich beduidend minder dramatisch voor. Hij ziet daar niet zo makkelijk de noodzaak om niet alleen naar het eigen belang te kijken. Maar wat als hem de cijfers ter inzage gelegd zouden worden?
Wij consumenten zijn reeds meesters op het gebied van de prijsvergelijking. Tot nu toe kunnen wij kunnen echter alleen eindprijzen vergelijken. Geheel anders zou het zijn, wanneer naast de winkelprijs nog aangegeven zou worden welk aandeel daarin de boeren, verwerkende industrie, transport, groothandel en detailhandel hebben.
Bij een dergelijke prijstransparantie laat zich snel vaststellen of de prijs niet toevallig ten koste van de lokale boeren verlaagd is. Dat zou nog eens ‘consumentenopvoeding’ zijn. Dit is met name belangrijk voor de biologische, respectievelijk biologisch dynamische landbouw, die zo langzamerhand haar weg vindt in de reguliere supermarkten. Niet alle merken, zoals Demeter in Zwitserland, staan erop, dat deze supermarkten dezelfde prijs betalen als de andere winkels en alleen daardoor goedkoper kunnen verkopen door een kleinere marge te nemen. Anderen laten zich wat sneller onder druk zetten.
Men kan zich daarom voorstellen, dat de supermarkten tegen prijstransparantie zijn. Nog minder enthousiast zijn echter de kleine winkels die juist in de natuurvoedingsbranche sterk vertegenwoordigd zijn. Zij moeten hogere prijzen hanteren om te kunnen overleven.
Ze zien het niet zo zitten wanneer – bijvoorbeeld op verpakkingen – zichtbaar gemaakt wordt dat de hoge winkelprijzen met name op hun nogal hoge marges terug te voeren zijn. Dit heeft tot nu toe het bio-dynamisch keurmerk Demeter in Zwitserland ervan weerhouden om het initiatief voor meer prijstransparantie te nemen, hoewel dit zowel door de Demeter consumenten als Demeter boeren gewenst werd. Men is bang om door de kleine natuurvoedingswinkels geboycot te worden.
Misschien zijn er wel betere vooruitzichten zijn bij natuurvoedingssupermarkten te vinden. Zo heeft de winkelketen Alnatura al artikels (van de hand van de originele auteur van dit artikel – red.) over prijstransparantie in haar klantenblad opgenomen. Toch zijn er nog enkele artikelen als deze en veel vragen van klanten nodig, totdat de eerste concrete stappen in deze richting zullen gezet worden. Wanneer het zover is, dan heeft regionale eerlijke handel duidelijk betere kansen.
steekt de duivel in de tussenhandel?
Wat weerhoudt Nescafé er echter van om voor de volle honderd procent aan de mondiale eerlijke handel mee te doen? Het meest duidelijke argument is misschien, dat de multinational in plaats van directe aankoop bij de koffieplanters liever gebruik maakt van koffiemakelaars, die “zoveel waren samenbrengen, dat transport en arbeid zich lonen”. Wanneer de prijzen vanwege de overproduktie te sterk zinken, wordt maar al te snel vergeten dat handel op zichzelf altijd goedkoper makend werkt. De tussenhandelaren worden dan snel als uitbuiters beschouwd.
Wanneer echter van de kant van Nescafé beweerd wordt, dat vaste prijzen tot uitbreiding van plantages en overproduktie leiden, dan vraag je je toch af of deze mensen wel weten waarover ze het hebben. Dit klopt bij door de overheid gegarandeerde prijzen zoals men deze van de Europese landbouwpolitiek kent. Bij de prijstoeslag die gehanteerd wordt bij de eerlijke handel voelen de producenten zich echter verantwoordelijk. Velen investeren het extra geld om hun afhankelijkheid van koffie te reduceren en alleen dan koffie te produceren, wanneer de prijzen hoog genoeg zijn. Zij krijgen dus meer ruimte om de markt zelf vorm te geven (in plaats van heen en weer geslingerd te worden door de dynamiek van de wereldmarkt.
Dit artikel verscheen in 2004. Sylvain Coiplet is oprichter van het Institut für Soziale Dreigliederung in Berlijn. (Vertaling EC Bakker)
1. het originele artikel vind je hier: http://www.driegeleding.org/fairtrade
2.Over fairtradebananen in Zwitserland
“En je ziet dat in bepaalde gevallen alternatieve distributrievormen eigenlijk zelfs dominant kunnen zijn. In Zwitserland is een meerderheid van de verkochte bananen fair trade. Hoe komt dat? Omdat de distributie voor een groot deel nog steeds in handen is van een coöperatieve winkelketen, en dat die vanuit haar waarden kan zeggen: ‘wij kiezen voor fair trade, principieel’. In die keten zijn bijna negentig procent van alle verkochte bananen fair trade. Op dat moment overstijg je het pure statement. Dan ben je ook economisch van belang. Tot in het Zuiden in dit geval.”
: Dirk Barrez in een interview op Indymedia.be.
3. ‘Nescafé gaat fair’ – rechtstreekse link naar foodlog.nl
op dinsdag, 1 april 2008 op 11:59 am
[...] Bio en Fairtrade : ‘er wordt te grof aan verdiend’ Geplaatst in FAIRTRADE ontleed, deruitgepikt door de verbaasde kabouter op de woensdag, 12 maart 2008 Tags: bio, consumenten, consumeren, economie, eerlijke handel, ethiek, fair trade, koopkracht, kritisch, marketing, markt, onderzoek, recessie, transparantie Wellicht interesseert je ook dit artikel: Rechtvaardige prijzen door prijstransparantie [...]
op woensdag, 2 april 2008 op 6:21 pm
[...] Ook de groentensector hangt tussen wurgen of verzuipen. Maar over de vraag: Gelooft u dat een revolutionaire schaalvergroting in de Vlaamse melkveehouderij de komende jaren onvermijdbaar is?. Zijn ze er zeker nog niet over uit. Jammer. Blijkbaar gelooft de sector nog steeds niet in regiofair. [...]
op vrijdag, 11 april 2008 op 12:16 pm
[...] Een eerste artikel werd gepost: Boontjes uit Burkina. Het is van de hand van Wim Schalenbourg, een Hasselaar die als landbouwingenieur in Burkina Faso samenwerkt met lokale groepen van kleine boeren. Dit is zijn kijk op het fenomeen voedselkilometers en een oproep tot regiofair. [...]
op zaterdag, 12 april 2008 op 7:26 pm
[...] Fairtradekeurmerkorganisaties laten het zich niet aan hun hart komen en steken nog een tandje bij. Lees er meer over op deze [...]
op vrijdag, 23 mei 2008 op 7:21 am
[...] Jan Douwe van der Ploeg, hoogleraar transitiestudies aan de Landbouwuniversiteit van Wageningen, publiceert in juni 2008 een boek over boerenlandbouw en voedselimperia bij het Londense Earthscan.In NRC Handelsblad (Nederland) van 10 mei 2008 verscheen een essay van hem, dat niet anders leest dan een pleidooi voor regiofair. [...]
op woensdag, 18 juni 2008 op 10:38 am
[...] De slanke taille van de voedselindustrie 3. De wereld is een soep en de boeren zijn de ballekes 4. Regiofair: Rechtvaardige prijzen door prijstransparantie 5. een aangename waarheid: familiale landbouw kan de wereldbevolking [...]