Bericht uit Colombia: “Koffie en schapen: hier bepaalt het klimaat de opbrengst!”

Een bericht van mijn kameraad Marc vanuit Colombia.

Jullie wezen gewaarschuwd, het kopje koffie wordt duurder ! Daar zijn verschillende redenen voor. De koffieoogst zal dit jaar in Colombia 60 miljoen kilo minder groot zijn dan vorig jaar. Dat heeft allemaal te maken met de klimaatsveranderingen.

Te lange droogteperiodes geven een slechtere kwaliteit . De bes lijdt een tekort aan water en de pit (de koffieboon) verschrompelt.

Aangezien enkel de betere kwaliteit geexporteerd wordt, zal het tekort zich op de internationale markt laten voelen. Uit Ecuador en andere landen komt een gelijkaardig nieuws. De koffiehandelaars trachten het verlies te beperken door hoogkwaliteitskoffie aan te bieden, maar dus aan veel hogere prijzen.

Voor de kleine koffieboeren is dat een streep door de rekening. Ook al is de prijszetting goed, het kwaliteitsverlies wordt er niet door gecompenseerd. De oproep van het nationaal koffiecomité om nog meer koffie aan te planten valt in dovemansoren. Want hier bepaalt het klimaat de opbrengst!

Voor de kleine boer rest enkel nog het trachten te besparen op zijn kosten. Maar de prijzen van de (chemische) bestrijdingsmiddelen blijven altijd maar stijgen.

Een goede onkruidbestrijding is nodig, ook omdat , alweer door de klimaatsverandering, het batatilla-kruid sterk oprukt. Het is een sterk woekerend onkruid en kan een koffiestruik in een paar weken overgroeien.

Chemische onkruidbestrijding is haast onmogelijk, dus moest er gezocht naar een alternatief. Ervaringen in Nicaragua hebben geleerd dat schapen zeer goede onkruidwieders zijn in de koffieplantages. Zij eten de onkruiden en laten de koffie ongemoeid.

We hebben Afrikaanse schapen aangekocht. Dat zijn geen wolschapen. Zij hebben het voordeel dat ze goed aangepast zijn aan tropische omstandigheden. Gedurende de dag grazen ze in de plantage, ze halen het maximum uit de kruidenmengeling en ’s nachts worden ze opgestald en krijgen hoogwaardige voeders zoals gras en voederstruiken. De mestproductie is een surplus voor de boer.

De eerste resultaten zijn positief. De investering is niet zo groot, de boer heeft enkel het werk om de dieren dagelijks te verplaatsen als de plantage niet omheind is. Geen chemische middelen, geen (duur) loonwerk voor het mechanisch maaien van de (on)kruiden, de plantage krijgt organische mest en de boer regelmatig een schapenboutje op het bord.

Het batatilla-kruid blijkt bovendien een hoog eiwitgehalte te hebben. Het verdwijnt niet maar is onder controle en groeit niet meer in de koffiestruiken.

Brengt de koffie dan iets minder op, de vleesproductie en de verminderde kosten worden positief onthaald. Wat sensibiliseringswerk om de techniek te veralgemenen blijft noodzakelijk.

Marc Leyman, 16 noviembre 2009.

Ik stelde n.a.v. zijn brief deze vraag aan Marc:
“is het nog wel zinvol voor kleine boeren van koffie te willen verbouwen?”

zijn antwoord:
“dat is een terechte vraag, maar ze zitten wel met de investering van het verleden!!”

hierop een andere vraag:
“dat van die investering begrijp ik, maar bouwen ze zo iets op? Of zit er een markt in lokaal verbruik?”

antwoord:
“ik vrees dat kleine boeren nog meer op veeteelt zullen omschakelen en dat de tendens om hun arbeid te verkopen zal stijgen. lokaal verbruik steunt op mindere kwaliteit en die wordt ook minder betaald. dus daar zit niet veel in.
mocht die veeteelt intensief zijn dan zit er misschien iets in, mits goede marktstructuren.”

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s