De duurzaamheidsmythe van NGO Unilever, volgens de Groene Amsterdammer

Enkele maanden geleden kreeg ik telefoon van Jaap Tielbeke, onderzoeksjournalist voor de Groene Amsterdammer. Ze schreven aan een stuk over de duurzaamheids-claims van Unilever en waren op kritische blogs van mijn hand beland.

Of we daarover konden praten. Zo geschiedde. En vandaag ontving ik post dat het stuk online staat met de vraag ‘Duurzaamheid uit een pakje: Hoe duurzaam is Unilever écht?‘.

Ik houd me met deze blog op in de slagschaduw van het NGO-gebeuren omtrent eerlijke handel. De openbaarheid zoek ik met mijn persoon niet op. Een goede reden daarvoor, wordt verwoord in het citaat van George Monbiot, in het artikel:

‘Bedrijven als Unilever omarmen hun critici en betrekken hen in een “open” dialoog waarin kritische afstand vervaagt en identiteiten versmelten.’

NGO’s van Oxfam tot Solidaridad vinden dat – in verschillende gradaties – okee zo. Ik werk voor Oxfam-Wereldwinkels, maar sta op zelf een mening te mogen vormen en afstand bewaren. Ik ben niet getrouwd met Oxfam. Wat ik leer schrijf ik hier – waar relevant voor mezelf – neer in mijn vrije tijd.

Enkele duidende citaten uit het stuk van Jaap en collega’s Groene A’dammers:

over Oxfam

Ontwikkelingsorganisatie Oxfam zwaait Unilever volop lof toe. Ieder jaar publiceert Oxfam Behind the Brands, een onderzoek waarin het de duurzaamheidsplannen van de tien grootste voedselbedrijven vergelijkt. […] Maar vindt die kritische controle nog wel voldoende plaats? Verburg laat een lange pauze vallen. ‘Daar valt over te twisten. Maar door de publieke commitments is er in ieder geval een algemene bewustwording.’

over Solidaridad

Schreef Roozen in de jaren tachtig nog kritisch over de problemen in de sojasector – ‘een brochure die alles zwart maakte’ –, inmiddels zoekt hij de constructieve dialoog. […] Daar plukt Solidaridad zelf ook vruchten van. Waar collega-organisaties ‘van sanering naar sanering lopen’, bloeit zijn organisatie, vertelt Roozen trots. ‘De algehele pot met ontwikkelingsgeld slinkt, maar wij weten een steeds groter deel naar ons toe te trekken.’

Roozen, beroemd geworden als oprichter van de keurmerken Max Havelaar én – als notoire nestbevuiler – daarna UTZ Certified kwam vorig jaar nog in opspraak over hoe hij dat ‘steeds groter deel‘ liet beheren door het Panamese adviesbureau Mossack Fonseca, op hun beurt berucht als spil in de Panama Papers (al laat de Groene A’dammer dit hier verder buiten beschouwing).

Naomi Klein beschreef in haar boek ‘NO LOGO’ hoe “Profitability lies in creating synergy“. Ik noemde zulk een recente praktijk – met weer een andere NGO mee als protagonist – onlangs het ‘Fairtrade UK / Mondolez duopoly scandal‘.

Het fairtradewereldje ligt ogenschijnlijk niet wakker van dit opgaan in elkaar van de voedingsreus en het fairtradekeurmerk. Enkele fairtradevrijwilligers in het Verenigd Koninkrijk zetten hierover twee petities online. Ze vonden nauwelijks gehoor.

Michael Gidney (CEO van de Britse Fairtrade Foundation) – zo lazen we begin deze maand nog op op just-food.com – roemt zijn werkgever voor de ‘bottom-up’ approach, maar krijgt het warm nog koud van bezorgde stemmen, die van onderuit de fairtradebeweging doorklinken. Zeer aannemelijk. Want in zelfs niet één van de duizend Fair Trade Towns wereldwijd wordt hieromtrent het debat gevoerd, zwijg stil aangemoedigd door Gidney’s ring van keurmerken.

Wat kan je aldus aan Paul Polman en zijn werkgever verwijten? De ene predikt zijn groot gelijk bij mekaar, de ander zwijgt of conformeert in het belang van zijn eigen overleven. Niks stichtends of wervends, maar des te herkenbaarder en menselijks.

Ondanks al het bovenstaande besluit ik dan ook met een citaat uit een interview met Polman, dat de Groene Amsterdammer – ondanks mijn advies – niet haalde, maar dat ik vaak verwerk en zal blijven doen in mijn presentaties voor derden:

Q: Everyone knows Ben and Jerry’s as the ethical ice cream brand…

A: Yes, but I’m using that as the example because that [embodies] the high standard of ethics we want to achieve across all our brands. Each should have a social mission, a product mission and an economic mission – and they should [complement and support] each other…

d.d. januari 2012 (bron: http://www.greenwisebusiness.co.uk – staat helaas offline)

Advertenties

4 gedachtes over “De duurzaamheidsmythe van NGO Unilever, volgens de Groene Amsterdammer

  1. doet mij denken aan hoe het met natuurbeschermingsorganisaties is gegaan … kijk hoe goed natuurpunt boert, zijn ook helemaal in voor “constructieve samenwerking” met het “bedrijfsleven” en ja, dan krijgt ge wel wat centjes toegestopt

  2. Pingback: arme Nederlanders en Afrikanen betalen voor redden v/d wereld – c.q. de winst van Barry Callebaut en Solidaridad | recepten en nieuwsjes vanuit Dorpsstraat 31

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s